Thema: Piraten
A Betekenis/ Bedoeling:
1 Leren hoe piraten eruit zien en bekend worden met hun levenswijze.
2 Een klein stukje geschiedenis leren - piraten van vroeger.
3 Plezier beleven aan het fantasiespel rond piraten.

B Activiteitenaanbod:
1 Piratenkleding bekijken en gebruiken.
2 Gebruiksvoorwerpen van piraten bekijken of maken.
3 Met al deze spullen maken we een piratenhoek.
4 Prentenboeken voorlezen.
5 Dramatiseren rond dit onderwerp en hiermee het fantasiespel stimuleren.
6 Piratenmuziek maken.
7 Piratenreglement invoeren met regels als: de buit eerlijk verdelen, de kapitein gehoorzamen, iedereen stemt mee over belangrijke besluiten.
8 Een piratenfeest organiseren als afsluiting met muziek, spelletjes, hapjes, schat zoeken en natuurlijk allemaal verkleed als piraat op school.

De cirkel van de basisontwikkeling:
Samen zingen en spelen over piraten op zee - spelen en werken.
Inleven in de rol van een piraat of kapitein of kok.
Wereld verkennen - het leven op een piratenschip - op zee - goed en kwaad.
Communiceren - gesprekjes voeren - in de kleine kring.
Actief zijn en initiatieven nemen - met elkaar creatief zijn en het fantasiespel verdiepen.

C Lesactiviteiten:
De vakken:
Taal:
1 Prentenboeken voorlezen zoals:”Woeste Willem”, “Vandaag ben ik een piraat”.
2 Een dramales n.a.v. een boek.
3 De kleding en gebruiksvoorwerpen benoemen, bespreken en leren kennen.
4 Taalspelletjes zoals een afgesproken woord herkennen in een reeks, lange woorden maken, zinnen verdelen in woorden.
5 Leergesprekken voeren over het thema, bv.  De verrekijker/ Wat zou er allemaal onder water te zien zijn/ Een schat - iedereen maakt een eigen schat door mooie spulletjes te verzamelen.
6 Een woordveld maken.
7 Begrippen leren: langzaam - snel, veraf - dichtbij, inladen - uitladen, drijven - zinken.
8 Opzegversjes aanleren.
9 Raadsels.
10 Rijmen op boot, mast, roer, schip.

Rekenen:
1 Drijven en zinken: verschillende voorwerpen in een bak water leggen en dan kijken of het drijft of zinkt. Met de kinderen gaan voorspellen en beredeneren waarom het één drijft en het ander zinkt.
2 Tel- en sorteeroefeningen: De gouden sieraden en/of andere attributen uit de schatkist bieden de mogelijkheid tot tellen en sorteren.
3 Met goudstukken oefenen we de begrippen: meer, minder en evenveel.
4 Hoeveel wasknijpers hebben de piraten nodig om de was aan de waslijn op te hangen.
5 Rangtelwoorden oefenen: wie mag er als eerste of als tweede op het schip etc. Dit gebeurt in verhaalvorm. Zo kan ook het terugtellen geoefend worden.
6 Voorbeelden naleggen op de kralenplank ( anker )
7 Een schatkaart maken en de schat zoeken.
8 Schatkistjes maken van doosjes in verschillende groottes. In de doosjes stoppen we goudstukken. Hiermee kunnen we wegen en meten.

Lees-schrijfhoek:
1 Nastempelen van woorden die iets met piraten te maken hebben.
2 Schrijfpatronen maken in de vorm van golven.
3 Werkblad: zoek in ieder woord de letter r en omcirkel deze letter.
4 Met magneetletters “piraten” woorden op het magneetbord maken.

Muziek:
1 Piratenmuziek maken met allerlei spullen die op het schip liggen.
2 Lied: Wat gaan we doen met de dronken zeeman ( “Vandaag ben ik een piraat”)
3 Lied: Wij zijn piraten, Heioo, heioo ( Liedje van Samson en Gert )
4 Lied: Wij zijn piraten, wij zijn piraten ( melodie: vader Jacob )
5 Piraten- potpourri

Bewegingsonderwijs:
1 We maken een bewegingsbaan waarin we klimmen en lopen over banken.
2 Schatbewaarders met in het midden een mat met veel goudstaven ( houten blokken )
3 Golvendans met gekleurde linten ( mooie golven van papier )
4 Piraten- klauterschip: dit wordt gevormd van verschillende klautertoestellen.


De Piratenhoek:
Van planken en touwen maken we een piratenvlot.
Het zeil bestaat uit een houten lat en een grote lap stof.
( de lat ophangen aan het plafond met een dwars lat waar het zeil aan komt of we maken een grote dikke rol vast aan de bodem van de boot en daaraan maken wij de zeilen vast )
Op de grond leggen we blauw zeil.
Spullen als potten en pannen aan boord. Piratenkleding, koks kleding, kleding van de kapitein en de papegaai mag niet ontbreken. Piratenvlag in top. Een onbewoond eiland met een palmboom en vruchten maakt het compleet.

Werkjes bij het thema:
1 Woeste Willem knippen en plakken of kleuren of een grote op A-3 papier verven. Klik hier voor Woeste Willem
2 Piratenschip/ vlot: van 4 closetrollen, 10 repen karton, vel tekenpapier, kurk en satéprikker. Klik hier voor een voorbeeld
3 Piratengezicht van een cirkel.




4 Schatkist maken  van een doosje en beplakken met kraaltjes, knopen of schelpen. Of een schatkist vouwen. Klik hier voor een voorbeeld.
5 Ooglap van stof; de koorden vingerhaken.
6 Kettingen rijgen van kralen of rietjes.
7 Piratenvlag tekenen of kleuren. Zie hieronder; vergroot deze plaatjes met de copieerapparaat en je hebt vlaggetjes met of zonder doodskop.







8 Piratenschip tekenen
9 Schatkaart tekenen of plakken.
10 Papegaai van een melkpak (klik hier voor een voorbeeld) of in het platte vlak.
11 Papegaai van een wc rolletje. Klik hier voor een voorbeeld.
12 Zoek de 8 verschillen in de twee piraten. Klik hier
Deze foto is van juf janneke.nl
Free counter and web stats