Thema: Kunst
A Betekenis/Bedoeling:
Kunst is gemaakt met de bedoeling kunst te zijn. Dit kun je heel mooi vinden of misschien ook niet. Kunst kan ook bewust iets willen losmaken zonder te ontroeren. Iedereen is vrij om zijn eigen verbeelding te maken.
Kinderen hebben veel fantasie. Door naar kunst te kijken leren kinderen dat hun verbeelding er ook mag zijn.

We brengen de kinderen in aanraking met verschillende kunstvormen zoals schilderkunst, beeldhouwkunst, muziek, dans.
We experimenteren met verscheidene technieken.
We leren nieuwe materialen kennen.
We ervaren dat kunst iets met je doet: iets mooi vinden of lelijk.
We proberen een eigen mening te vormen over kunst.

B Activiteitenaanbod:
1 We gaan op excursie en bezoeken een expositie.
2 We bekijken enkele beelden in de schoolomgeving.
3 We nemen een kijkje in een atelier van een kunstenaar.
4 We bekijken foto en/of filmmateriaal van een pottenbakker.
5 We richten een museum in.
6 We richten een atelier in en maken daar een hoek van.
7 We lezen prentenboeken voor over kunst.
8 We verzamelen boeken en andere spullen voor de thema-tafel.
9 We maken een levend schilderij van 2 bij 2 meter. De kinderen beelden een houding of personage uit. Attributen zijn aanwezig ( ringen, hoeden )

Start en voortgang van het thema.
In de eerste week starten we op één van de volgende manieren:
1-    We bezoeken een expositie van moderne kunst.
De kunstenaar laat zijn werk zelf zien.
2-    We lezen het prentenboek voor:”Olifant en het meesterwerk”, van Max Velthuijs.
3-    We maken een thema- tafel.
Vervolgens praten en werken we over:
1-    Prentenboeken over kunst
2-    De kunstenaar en zijn atelier
3-    Hoe ziet een schilderij eruit?
4-    Schilderkunst, beeldhouwkunst en andere kunstvormen
5-    Musea


Hierbij gebruiken we de cirkel van de basisontwikkeling”
1-communiceren
2-nieuwsgierig zijn
3-wereld verkennen
4-samen spelen en werken
5-voorstellingsvermogen en creatief zijn
6-actief zijn en initiatieven nemen

Lesactiviteiten:
De vakken:
Taal

1-    Leergesprek “Kunst- wat is dat?”
2-    Prentenboeken zoals “Olifant en het meesterwerk”, “Blauwtje en Geeltje”, van Leo Lionni, “Paultje en het paarse krijtje”, van Charles Johnson, “De stip”, van Peter Reynolds, en een boek van Eric Carle over kunst.
3-    Schilderij bespreken ( kleur, materiaal, lijst, voorstelling )
4-    Vertellen over eigen ervaringen in een museum. ( wat is het, wat kun je er doen, wat gebeurt er, waar praat je over als je daar bent )
5-    Begrippen leren kennen als museum, atelier, tentoonstelling, rondleiding, stilleven, landschap, portret, sokkel.
6-    Materialen leren kennen als goud, zilver, ijzer, beton, klei, gips.
7-    Kimspelletjes spelen ( op geheugen, eigenschapbeschrijving, plaatsbeschrijving, vorm en kleur )
8-    Woordspelletjes zoals welk woord is langer : ezel- verfkwasten of welk woord hoort niet in het rijtje : kwast- penseel- verfroller- tafel.
9-    Opzegversjes
10-     Verhalen vertellen
11-     Klankspelletjes zoals welke kleur begint met een g ( geel, grijs, groen), klanken samen voegen zoals k- w- a- s- t

Rekenen
1-    Afrekenen bij de kassa
2-    Openingstijden en toegangsprijzen bij de kassa
3-    Materialen wegen - zwaar, licht
4-    Meten van lijsten ( kort, lang, langer, langst)
5-    Vormen bekijken en leren
6-    Verdelen van kunstwerken en/of museumstukken over de tafels
7-    Inzicht bladvulling
8-    Tellen en rubriceren van museumstukken ( stilleven- portret; groot- klein)
9-    Opdrachten met meer, minder en evenveel kwasten

Lees- schrijfactiviteiten
1-    Naambordjes maken bij kunstwerken/ museumstukken
2-    Toegangskaarten maken voor het museum
3-    Stempelen en schrijven van woorden in de lees- schrijfhoek
4-    Signeren van eigen schilderij
5-    Boeken bekijken over musea, kunst, verzamelingen en kunstenaars
6-    Reclamefolder maken met wat er allemaal te zien is in het museum

Muziek
Versjes en liedjes:
1-    Kleuren mengen ( Het grote versjesboek blz 54 )
2-    De kunstenaar ( Het grote versjesboek blz 54 )
3-    Alle kleuren van de regenboog ( Het grote versjesboek blz 55 )
4-    Een kunstwerk om op te eten ( Het grote versjesboek blz 74 )
5-    De knutselaar ( Het grote versjesboek blz 88 )
6-    Rood, rood, 'k heb geen rood ( 50 kleuterliedjes- Annie Langelaar )
7-    Vijf kleine vingers op een rij ( Ding Dong- J. Bakker en T. Zaat )
8-    Rood en geel is oranje ( Liedje van Bert en Ernie )

Speelhoeken
We maken een atelier; een afgeschermde hoek met b.v. witte lakens. Op de lakens komen verfspatten. Op de grond kunnen stukken karton gelegd worden. De kunstenaar krijgt een schort aan/of een gestreepte lange broek of overall. Op zijn hoofd een baret.
Attributen: verschillende soorten verf, pallets, schildersezel, verschillende stukken papier, kranten, zelfgemaakte voorwerpen van hout/ klei die geverfd kunnen worden, kwasten en penselen.

We richten een museum in. Voor het museum zoeken we kunstvoorwerpen die tentoongesteld kunnen worden. Bij de ingang komt een loket met een kassa. Hier worden kaartjes verkocht. We spelen gids, bezoeker, kunstenaar, model of museumdirecteur.

Er kan een kleurenfabriek gemaakt worden in de klas. Hier kunnen de kinderen experimenteren met kleuren. Ze mengen kleuren, laten kleuren vervagen en maken lichte en donkere kleuren
Werkjes bij het thema:
- palet maken van karton of van een plastic bord, gat erin en verf erop.
Klik hier voor een voorbeeld van het gebruiken van een palet en een stilleven schilderij.
- een schilderij op echt doek maken of op afvalkarton ( is stevig)
- boetseren met klei.
- een kunstwerk van kosteloos materiaal
- schilderijlijst van stroken, mozaïekfiguren, papier maché of pur.
- verftubes van een wc-rol; de rol in aluminiumfolie wikkelen, knijp de onderkant van de rol plat en rol het laatste eindje folie op. Aan de bovenkant rol je de uitstekende folie op, als zijnde een dopje. Plak gekleurd papier op de dop en op de tube. (Zie deze pagina http://www.lespakket.net/kunst.htm )
- een “Mondriaan” kleuren Klik hier voor een leeg vlakken vel van Mondriaan en klik hier voor een groepswerk
-of knip en plak een Mondriaan (zie voorbeeld onderaan)
- een fantasie vogel ( klik hier voor een voorbeeld)
- een kunstwerk van papier maché. zie hiernaast
  Dit kunstwerk is in een deksel gemaakt.
- op zwart papier een tekening scheuren van kranten
- een schilderij vouwen Klik hier voor een vouwvoorbeeld
- een figuur van gips maken
- zelf stempels maken en afdrukken
- een spiegelbeeld werk maken zie voorbeeld onderaan de
pagina. ( linkerhelft van het papier beschilderen en vervolgens het
werk dichtklappen )
- sculpturen in de zandtafel maken
- met allerlei verschillende materialen tekenen
- mozaïekfiguren leggen en naplakken
- figuren op de kralenplank maken
- een groepswerk op stof schilderen
- versieren met stipwerk
- met stukjes tegels een schilderij maken.
- maak met een groep een ogen schilderij in een deksel van een doos
  zie foto hieronder. De randen(lijst) zijn zwart geverfd
- maak een lijst van ijslollystokjes. Zie foto hiernaast. De stokjes zijn doormiddengebroken en op een papierenrand geplakt en daarna geverfd.
Klik hier voor een werkblad met 'Zoek de zeven fouten'
OGEN
Ik heb hiervoor een kappersmodellen boek gebruikt
Spiegelen linkerhelft van het papier beschilderen en vervolgens het werk dichtklappen.
Mondriaan van geknipte stukjes papier.
1 Neem een vouwblaadje en vouw die in 16 vierkantjes
2 Knip die vierkantjes uit en maak daarvan een Mondriaan
3 Trek met een dikke viltstift de zwarte lijnen.
Free counter and web stats