A Betekenis/bedoeling:Wereldoriëntatie: 1) de kinderen leren het leven van de boerderij kennen.
2) Ze gaan een uitstapje maken naar de kippenboerderij om te zien wat daar allemaal gebeurt.
3) Door aanwezigheid van een broedmachine wordt de levenscyclus van ei tot kuiken (tot kip) verduidelijkt.Doordat dit op de voet gevolgd wordt, zullen kinderen nauw betrokken raken.
4) Wij gaan kijken op een boerderij met een loopstal met melkvee en leren wat er met de melk gebeurt.
5) De kinderen leren beleven dat zij boer en boerin zijn in de hoek Boerderij.
B Activiteitenaanbod:Een uitstapje naar de kippenboerderij en een uitstapje naar een boerderij met melkvee.
Kringactiviteiten: prentenboeken over de boerderij voorlezen
verhalen over de boerderij voorlezen of vertellen
belevenissen over de uitstapjes met elkaar doornemen
Levenscyclus van:1) Kip: hen, haan-ei-kuiken
2) Koe: stier, koe - kalf
3) Varken: zeug, beer -biggen
Welke producten zijn (in-)direct afkomstig van de koe?
De indeling van de boerderij en omgeving
3) Naar aanleiding van bovengenoemde activiteiten zullen gespreksactiviteiten plaatsvinden.
Onderzoeksactiviteiten: Welke dieren vind je op de boerderij?
Wat eten kippen / koeien? Wat houdt het beroep kippenboer in?
Wat gebeurt er in de broedmachine? Wat eet een koe? (uitwerpselen bekijken)
Grassen onderzoeken (hoe ruikt het? Hoe voelt het? Etc) eventueel graszaad in een potje doen,
Wat gebeurt er?
Lees/ schrijfactiviteiten: er is een a-4 met plaatjes van de dieren en daarbij de namen deze is via e-mail aan te vragen
In de methodes Groei, Verkennen door Kleuters en Het Kleine Loo (zie
www.hetkleineloo.nl) staan lessuggesties die gebruikt kunnen worden.
Reken/wiskundeactiviteiten:
De kinderen gaan een kip vouwen met kuikentjes
De kinderen bieden een werkblad aan: zoek dezelfde koe
De kinderen gaan producten van de koe sorteren
De kinderen sorteren: wat hoort wel en wat hoort niet bij de boerderij
Constructieve activiteiten:
De kinderen mogen een boerderij bouwen. De kinderen mogen deze gaan inrichten
Werkjes De cirkel van de basisontwikkeling:
1) communiceren (kringgesprekken en spel op de boerderij)
2) nieuwsgierig zijn (hoe verloopt het uitkomen van een ei)
3) wereld verkennen (wat zien wij op de boerderij)
4) samen spelen en werken ( in de hoek en bij de werklessen)
5) voorstellingsvermogen en creatief zijn: zelf een koe maken / kuiken etc.
6) actief zijn en initiatieven nemen: interesse tonen voor de broedmachine, de boerderij bekijken en 'beleven'.
C Inrichting situatie en voorbereiding
1) We maken een boerderij in de klas.
2) We maken koeien die een plaats krijgen bij de boerderij.
3) We gaan kippen maken en kuikens. Ook deze zullen een plaats krijgen op de boerderij.
4) In de bouwhoek maken wij een boerderij van blokken
5) Wij maken met de kleine blokjes een boerderij met de boerderij dieren erbij.
D Start en voortgang:
De eerste dag van de projectweek zullen de kinderen een uitstapje gaan maken naar de kippenboerderij.
Op deze manier beleven ze het thema van heel dichtbij en zullen ze enthousiast raken.
De kinderen mogen de boerderij gaan inrichten met hun eigen werkjes.
E Observatie: